Riomaggiore, het dorp dat de zonsondergang van de Cinque Terre voor zich opeiste
Op de rotsen bij het haventje steken tientallen silhouetten af tegen een lucht die langzaam oranje kleurt. Flessen Sciacchetrà, de goudkleurige wijn van de Cinque Terre, gaan van hand tot hand. Op de achtergrond lijken de torenhuizen met hun roze, gele en okerkleurige gevels zich uit pure koppigheid vast te klampen aan de rotswand.
Riomaggiore is de plek waar je om 17:00 uur op een rots gaat zitten om "gewoon even naar de zonsondergang te kijken" en waar je drie uur later in een diep gesprek bent verwikkeld met mensen die je daarvoor nog niet kende. Het is het meest zuidelijke dorp van de Cinque Terre en vaak ook het eerste dat je tegenkomt als je vanuit La Spezia arriveert, en voor velen laat het de meest blijvende indruk achter.
Riomaggiore: liefde op het eerste gezicht voor wandelaars en romantici
Dit dorp trekt vooral wandelaars aan. De Cinque Terre zijn een paradijs voor kustpaden en Riomaggiore is een ideaal vertrekpunt om ze te verkennen. Ook voor koppels is er genoeg te beleven: de beroemde Via dell'Amore, die op 14 februari 2025 heropende na twaalf jaar gesloten te zijn geweest vanwege een aardverschuiving, verbindt het dorp met Manarola in een wandeling van twintig minuten langs de kliffen. Fotografen, liefhebbers van verse zeevruchten en reizigers die de ontspannen sfeer van een vissersdorp verkiezen boven grote betonnen hotels, zullen zich hier direct thuis voelen.
Zoek je echter grote zandstranden, dan kom je bedrogen uit. Het enige strand hier, Fossola, is een klein stukje met kiezels. Ook voor mensen die slecht ter been zijn, is het dorp uitdagend. Het is verticaal gebouwd met steile trappen en hellende straatjes, en in de meeste accommodaties is geen lift aanwezig. Dat staat prachtig op foto's, maar is vermoeiend met een koffer van 25 kilo.
Een dorp voor wandelaars, niet voor auto's
Riomaggiore is vrijwel volledig autovrij. Vergeet de auto, want parkeren kost ongeveer 35 euro per dag en de plekken zijn schaars. De trein is hier het koningsvervoer. Het dorp leeft op het ritme van de Cinque Terre Express, die in het seizoen ongeveer elke 15 minuten rijdt. Wifi is in de meeste accommodaties aanwezig, de veiligheid is geen punt van zorg en de winkeliers spreken over het algemeen voldoende Engels. Het leven volgt hier een typisch Italiaans tempo: rustig in de ochtend, levendig in de avond.
Een budget om in de gaten te houden tijdens het hoogseizoen
Riomaggiore is niet goedkoop, zeker niet tussen juni en september. Reken op 120 tot 200 euro per nacht voor een nette tweepersoonskamer in de zomer, 40 tot 75 euro voor een maaltijd voor twee in een restaurant met uitzicht, en ongeveer 20 tot 35 euro per persoon voor dagelijks vervoer als je de Cinque Terre Treno Card koopt. Buiten het seizoen liggen de prijzen 30 tot 50 procent lager en keert de rust in het dorp terug.
De haven en de hoofdstraat: het kloppend hart van het dorp
Alles begint op de Via Colombo, de enige verbindingsweg die van het station naar de haven loopt. Hier vind je de restaurants, wijnbars, ambachtelijke winkeltjes en kramen met verse focaccia. De straat is smal en kan in de spits druk zijn, maar elke gevel heeft een verhaal. Van een keramiekatelier tot een enoteca waar je aan de bar een Vermentino proeft.
De haven zelf is piepklein. Een paar kleurrijke bootjes, platte rotsen om op te liggen en water dat bijna onwerkelijk blauw is. Vanaf die rotsen komt de zonsondergang pas echt tot z'n recht. Bij helder weer kun je aan de horizon zelfs het silhouet van de Alpen zien.
Goede tip: kom voor de zonsondergang minstens 45 minuten van tevoren naar de haven. De beste plekken op de rotsen zijn snel bezet, vooral in juli en augustus. Neem zelf een fles lokale wijn mee uit de winkel voor 5 tot 8 euro in plaats van het driedubbele te betalen op een terras.
Wandelen en de zee: de roep van de horizon en de hoogtes
De Via dell'Amore is de publiekstrekker, en terecht. Dit 950 meter lange pad dat in de rotsen is uitgehouwen, kijkt uit over de Middellandse Zee en verbindt Riomaggiore zonder moeite met Manarola. De toegang is betaald: je hebt een Cinque Terre Card nodig, plus een toeslag van 10 euro en een reservering van een tijdslot via de officiële website. Het pad is eenrichtingsverkeer, van Riomaggiore naar Manarola, en laat maximaal 400 mensen per uur toe.
Voor de getrainde wandelaar biedt het pad 531, ook wel de Via Beccara genoemd, een gratis maar uitdagend alternatief tussen de twee dorpen. Denk aan 600 treden omhoog en net zoveel omlaag, met adembenemende panorama's over de terraswijngaarden en de kust. Trek goede schoenen aan en reken op een uur wandelen.
Op het water
Riomaggiore is van de Cinque Terre de beste plek voor watersport. Vanuit de haven bieden diverse bedrijven kajaktochten aan, verhuur van kleine motorbootjes of cruises bij zonsondergang inclusief prosecco en een duik in zee. Het dorp huisvest ook het enige duikcentrum van het nationale park om de onderwaterwereld van de Ligurische kust te ontdekken.
Goede tip: boottochten bij zonsondergang zijn snel volgeboekt. Reserveer ten minste twee dagen van tevoren of loop op de ochtend van aankomst direct naar de haven om een plek te bemachtigen.
Het hogere dorp: kasteel, kerken en vergeten steegjes
De meeste bezoekers blijven op de Via Colombo en in de haven hangen. Dat is jammer, want de steegjes die naar het bovenste deel van het dorp leiden, verbergen de echte verrassingen. Neem vanaf het postkantoor de Scalinata della Valle, een trap die je naar de hoger gelegen delen brengt. De sfeer verandert hier direct: minder mensen, wasgoed dat tussen de ramen hangt en katten die op de treden liggen te slapen.
Het Castello di Riomaggiore, gebouwd in de 13e eeuw om de bewoners te beschermen tegen piratenaanvallen, biedt een panoramisch uitzicht over het dorp en de zee. De toegang kost een paar euro. Vlak ernaast ligt het Oratorio di San Rocco e San Sebastiano uit de 15e eeuw, dat werd gebouwd na een pestepidemie en de moeite waard is vanwege het kleurrijke en verrassende interieur. Lager gelegen vind je de kerk San Giovanni Battista uit 1340, die vanaf het bijbehorende pleintje een prachtig uitzicht biedt over de daken van het dorp.
Voor een cocktail na de klim is de bar Four Rotta, op weg naar het kasteel, een welkome stop ver weg van de drukte in de haven.
Waar kun je eten en drinken in Riomaggiore?
De keuken is hier door en door Ligurisch. Het iconische gerecht blijft trofie al pesto, de kleine gedraaide pasta geserveerd met pesto van lokale basilicum, pijnboompitten en Parmezaanse kaas, vaak vergezeld van sperziebonen en aardappelen. De basilicum uit de regio heeft een specifiek aroma door het lokale microklimaat, wat niets te maken heeft met wat je in de supermarkt vindt.
Wat de zee betreft, zijn verse acciughe (ansjovis), gemarineerd of gefrituurd, de lokale specialiteit. Ook muscoli ripieni, gevulde mosselen op Ligurische wijze, zijn een aanrader. Voor een snelle hap is de focaccia die per stuk wordt verkocht bij Panificio Rosi aan de Via Colombo heerlijk: goudbruin, gedrenkt in olijfolie en belegd met tomaat of olijven. Reken op 3 tot 5 euro per stuk.
Voor een uitgebreider diner staat Rio Bistrot in de aanbevelingen van de Michelingids, waar vis centraal staat met uitstekende bereidingen en een zorgvuldige wijnkaart. Reserveer een paar dagen van tevoren voor een tafel op het terras. Voor een betere prijs-kwaliteitverhouding serveert Kepris Pizzeria, iets buiten de toeristische stroom aan de Via Telemaco Signorini, uitstekende pizza's voor minder dan 9 euro. En voor het aperitief is de Vertical Bar aan de Via Colombo de plek waar de locals samenkomen: goede cocktails, muziek en de enige echte avondsfeer van het dorp.
Sluit je maaltijd af met een glas Sciacchetrà, de dessertwijn van de Cinque Terre. Deze krachtige, goudkleurige wijn met 18 procent alcohol wordt gemaakt van druiven die bijna drogen aan de stok op de terraswijngaarden. Er is tien kilo druiven nodig voor slechts anderhalve liter wijn, tegenover zeven liter voor normale wijn. Dat zie je terug in de prijs: reken op 4 tot 12 euro per klein glas, afhankelijk van het jaar.
Waar verblijf je in Riomaggiore en omgeving?
Er zijn nauwelijks klassieke hotels in Riomaggiore. De overnachtingen bestaan vooral uit affittacamere, de Italiaanse variant van een B&B, en vakantieappartementen. De prijzen stijgen in de zomer snel: 150 tot 200 euro per nacht voor een fatsoenlijk tweekamerappartement met zeezicht. Een goed gelegen adres is Locanda Ca Da Iride voor een goede prijs-kwaliteitverhouding in het centrum, en de Affittacamere Crêuza de Mä profileert zich met terrassen, een jacuzzi en een spectaculair uitzicht in het hogere segment.
Een pragmatisch advies: voor een beter beheersbaar budget kun je in La Spezia verblijven. Het aanbod aan hotels is daar veel groter en de prijzen liggen twee tot drie keer zo laag. De trein naar Riomaggiore duurt slechts 8 minuten. Levanto, aan de andere kant van de Cinque Terre, is een vergelijkbaar alternatief met als extra troef een echt zandstrand.
Hoe kom je in Riomaggiore en hoe verplaats je je er?
De trein is het enige logische vervoermiddel. Vanaf La Spezia Centrale is Riomaggiore de eerste stop, op 8 minuten afstand. Vanaf het station van Pisa duurt de reis ongeveer 1,5 uur met een overstap in La Spezia. Vanaf Florence Santa Maria Novella ben je 2,5 tot 3 uur onderweg. Vanaf Genua is het ongeveer 1,5 uur met een overstap in Levanto. Een enkel ticket tussen de dorpen kost in het hoogseizoen tussen de 5 en 10 euro.
Voor reizigers uit België of Nederland is de meest directe optie een vlucht naar Pisa of Genua, gevolgd door de regionale trein. Vanaf diverse luchthavens vlieg je met low-cost maatschappijen naar Pisa voor 50 tot 100 euro retour als je vooraf boekt. Het station van Pisa ligt op 10 minuten van de luchthaven met de pendelbus.
Eenmaal daar geeft de Cinque Terre Treno MS Card onbeperkt toegang tot de treinen tussen La Spezia en Levanto, evenals toegang tot de betaalde wandelpaden van het nationale park. De prijs varieert van 19,50 tot 32,50 euro afhankelijk van het seizoen. Stap nooit in een trein zonder je ticket af te stempelen bij de groene automaten op het perron: de boetes zijn hoog.
Wanneer kun je het beste gaan?
De ideale periode loopt van half mei tot eind juni, en vervolgens van begin september tot half oktober. De temperaturen zijn aangenaam, het licht is prachtig en de drukte blijft beheersbaar. Juli en augustus zijn heet, erg druk en duur. Van november tot maart sluiten veel restaurants en accommodaties, maar de paden zijn verlaten en de prijzen zijn onverslaanbaar voor de liefhebbers van rust die soms wat buiig weer voor lief nemen.
Als het mogelijk is, raad ik je aan om de Via dell’Amore te nemen, een heerlijke wandeling die dit dorp verbindt met Manarola. Je hebt de hele weg een prachtig uitzicht. Let wel op, want het pad is soms gesloten, dus check dit even voordat je je route plant. Anders zijn er altijd nog de trein of de boot om de dorpen te bezoeken. Je vindt hier opnieuw die heerlijke mediterrane levensstijl van deze vissersdorpen terug.