Ik herinner me dat we dat jaar besloten om onze vakantie in Duitsland door te brengen. Ik was behoorlijk enthousiast over het idee, maar vond het lastig om een route te kiezen; het land is zo uitgestrekt en er is overal wel iets te zien. We hadden slechts drie weken de tijd en besloten samen met mijn man om naar Beieren te gaan.
Eerste stop in Freiburg

Na dwars door Frankrijk te zijn gereden, kwamen we aan in Freiburg. Deze eerste tussenstop beviel ons erg goed. Het was er niet alleen heerlijk weer, maar we hadden ook een prachtig uitzicht op het Zwarte Woud. Nadat we een klein hotelletje naast de kathedraal hadden gevonden, besloten we om de volgende dag te blijven om de stad te verkennen.
Als liefhebber van historische architectuur was ik meteen verkocht door de bijzondere gebouwen, zoals de kathedraal van Freiburg, maar ook door het marktplein en het historische koopmanshuis. Ik heb ook de Haus zum Walfisch bewonderd, evenals diverse andere panden met trapgevels die doen denken aan die in Nederland. Ik had bovendien de tijd om het Augustinermuseum te bezoeken; het grootste museum van de stad met werken van onder meer Grünewald en Baldung Grien.
De volgende dag vertrokken we richting Beieren en reden we over de Romantische Straße.
Het Beierse platteland
Zodra we in deze regio aankwamen, veranderde het landschap als bij toverslag. We reden door charmante dorpjes met huizen die zo uit een sprookje uit onze kindertijd leken te komen. Na even twijfelen besloten we om voor een paar dagen bij particulieren te verblijven, zodat we het lokale leven beter konden ervaren en de bevolking wat beter zouden leren kennen. Dit soort accommodaties zijn ter plaatse heel makkelijk te vinden en een stuk goedkoper dan een hotel. We logeerden in een huis dat met zoveel geraniums voor de ramen was versierd, dat het met gemak de mooiste van de straat was.

Onze Beierse rondreis begon diezelfde dag nog, want er was zoveel te zien. Na door wijngaarden en prachtige valleien te hebben gereden, ontdekten we overal langs deze schitterende route idyllische plekjes. Ik was dol op de vakwerkhuizen in de typische dorpen van de regio en op de prachtige kastelen met hun vele legendes. Mijn favoriet is Neuschwanstein, dat hoog op een rots uitsteekt. Het is niet alleen doordrenkt van een romantische geschiedenis, maar alles in en om het kasteel ademt liefde uit. Het uitzicht is adembenemend en reikt tot aan de Marienbrücke.
De Alpenroute en München
Daarna namen we de Alpenroute, waarbij we opnieuw kozen voor de vele bed & breakfasts die de regio rijk is. We keken onze ogen uit in alle steden die we passeerden; het waren er zoveel en ze waren stuk voor stuk prachtig. Ik zal vooral Lindau aan het Bodensee-meer en het wonderbaarlijke eiland niet snel vergeten.

We sloten deze fantastische reis af in München, een stad waar de architectuur van een heel bijzonder niveau is. Alle stijlen komen hier samen: barok, renaissance en rococo. Ik was onder de indruk van het imposante stadhuis met zijn carillon vol kleine poppetjes. Ook het Slot Nymphenburg wist me te bekoren door zijn geschiedenis, de ligging, het park en het paleis zelf.
Met pijn in ons hart vertrokken we weer, want we hadden nog maar een fractie van dit prachtige land gezien. Ik denk met veel plezier terug aan de vriendelijkheid van onze gastheren onderweg, de lokale keuken met diverse soorten gebraden en vaak pittig gekruid vlees, en natuurlijk de verrukkelijke gebakjes. Ik zal ook nog lang aan de Leberkäse denken; ondanks de misleidende naam (het betekent letterlijk 'leverkaas', maar bevat geen van beide) is het een heerlijke lokale vleespastei. Ik heb nu al enorm veel zin om ooit terug te keren en de rest van het land te ontdekken.
Reacties (0)
Nog geen reacties. Wees de eerste!