Venetië staat misschien bekend als de stad van de liefde, maar dat hield me niet tegen om er in m'n eentje naartoe te gaan! Oké, ik ben misschien een beetje bang dat de stad verdwijnt voordat ik een leuke date heb gevonden om me te vergezellen, maar dat is een ander verhaal...

Een pension, vaak een slimme keuze
Ik landde vlak na de lunch op de luchthaven Marco Polo. Om in de stad te komen, koos ik voor de vaporetto van de maatschappij Alilaguna (27 euro voor een retourtje als je online boekt; in Venetië zijn alle kleine beetjes mooi meegenomen!), wat ongeveer een uur duurt. Eenmaal gesetteld in mijn pension, een kamer in een appartement van een lokale familie, nam ik even de tijd om een broodje te eten langs een kanaal, terwijl ik naar de voorbijvarende gondels keek.
Er is van alles te vinden op het gebied van familiepensions; sommige zijn net zo duur als hotelkamers. Maar als je goed en op tijd zoekt, zijn er in het centrum van Venetië zeker goede deals te vinden. Anders kun je altijd uitwijken naar accommodaties op de omliggende eilanden, zoals Murano bijvoorbeeld. Hoe dan ook, het is zoals altijd verstandig om prijzen te vergelijken voordat je boekt, bijvoorbeeld via de zoekmachine Kayak.
Broodje op, energie weer op peil: tijd om de stad van Casanova te gaan verkennen.
Dag 1, de hoogtepunten van het centrum

Ik begin mijn eerste dag natuurlijk op het Piazza San Marco, dat overspoeld wordt door toeristen en duiven. Toch is het prachtig om midden op het plein te staan met de Basiliek van San Marco, de Campanile en het Dogenpaleis om je heen. Ik vermijd het om daar een kop koffie te drinken, zodat ik niet meteen mijn weekendbudget erdoorheen jaag, ook al is het verleidelijk met de orkestjes die klassieke muziek spelen voor degenen die de cover charge van het plein durven te trotseren. We lopen richting het Canal Grande om aan de overkant de kerk van San Giorgio Maggiore te zien, en een paar meter verderop ligt de Brug der Zuchten. Voor veel toeristen is dit de brug der geliefden, al waren het vroeger de ter dood veroordeelden die eroverheen liepen... Volgens de legende dankt de brug haar naam aan de zucht van de gevangenen die voor de laatste keer naar de stad keken voordat ze hun raamloze cel in de gevangenis betraden.

Daarna dwaal ik wat door de kleine straatjes, met als uiteindelijk doel de Rialtobrug, om de bekendste bezienswaardigheden alvast af te vinken. Je raakt altijd wel een beetje verdwaald in Venetië met zijn smalle steegjes en doodlopende wegen, maar juist daardoor ontdek je de leukste plekjes. Ik slenter nog wat langs de kade in de wijk Dorsoduro voordat ik even terugga naar mijn kamer om uit te rusten. Vanavond ga ik namelijk naar de opera! Nou ja, niet naar een klassieke opera, want dat is vaak peperduur, zelfs als je achterin de zaal zit met beperkt zicht. Ik koos voor een alternatief dat ik op internet vond: Musica a Palazzo. Ik heb daar La Traviata gezien, uitgevoerd door drie zangers en een klein orkest van vier muzikanten, in een privépaleis met een intieme sfeer (en dat voor 70 euro).

Dag 2, uitstapje naar Burano
Voor mijn tweede dag plan ik een bezoek aan de omliggende eilanden, dus ik schaf een 24-uurs vaporetto-pas aan (20 euro voor een volwassene). Ik wilde eigenlijk beginnen bij het Cimitero di San Michele, maar dat was al gesloten (let op: op feestdagen sluit het om de middag!). Jammer, want men vertelde me dat het een prachtige plek is, ook al is het een begraafplaats. Ik ben dus direct doorgegaan naar Murano. Het eiland is mooi, maar uiteraard volgepakt met souvenirwinkels vol glaswerk, waar het eiland wereldberoemd om is. Of je nu iets koopt of niet, het is leuk om te bekijken! Als je geluk hebt, zie je een ambachtsman aan het werk met glasblazen. Erg indrukwekkend. Ik vond er echter niets bijzonders om te kopen, dus vervolgde ik mijn weg naar het eiland Burano.

Deze keer was ik er echt helemaal weg van, ik was zelfs een beetje verliefd! Een klein eiland waar alle huizen in felle kleuren zijn geschilderd, overal bloemen staan, en mijn persoonlijke favoriet: een dikke oranje Pers die vanuit zijn raam de scepter over het dorp leek te zwaaien. Nadat ik uitgebreid de tijd had genomen om door de regenboogkleurige straatjes te slenteren (en werkelijk elke straat op de foto te zetten), keerde ik terug naar Venetië met het plan om naar het eiland San Giorgio Maggiore te gaan en de Campanile te beklimmen voor het uitzicht… maar door slecht timemanagement zou de kerk al sluiten voordat ik er was. Als troost trakteerde ik mezelf op een heerlijke pasta met een karafje rode wijn…
Dag 3, musea en de laatste wandelingen
Op de derde dag wilde ik mijn bezoek aan de begraafplaats inhalen, maar de regen gooide roet in het eten. Ik begon daarom bij de Peggy Guggenheim Collection in de hoop dat de zon zou schijnen als ik weer naar buiten kwam. Hoewel ik normaal niet zo'n museumbezoeker ben, vond ik het erg leuk (nou ja, niet alles, moderne kunst is nogal een dingetje!!!), en het museum zelf is charmant met zijn terras aan het Canal Grande en de intieme binnentuin.

Na een lunch in een klein Siciliaans restaurantje waar ik de magie van cannoli ontdekte (een dessert in de vorm van een gefrituurd deegrolletje gevuld met ricotta en bestrooid met poedersuiker; ik vind ze veel lekkerder dan tiramisu!), maakte ik een lange, verkwikkende wandeling langs de kade richting het park rondom de Biennale di Venezia en liep ik door naar het Venitian Arsenal. Nog even lekker dwalen door de stad, de laatste inkopen doen, een laatste pizza op een terras eten, en dan is het tijd om de vaporetto naar het vliegveld te pakken…
NB: Nee, ik heb geen gondeltocht gemaakt. Je kunt als single prima overleven in Venetië, maar je moet het ook niet overdrijven! ;)
Sinon pour Venise en général, malgré la côté bien touristique, j'ai beaucoup aimé me perdre dans les petites rues! :)