Ubud in het kort
Ubud is het culturele centrum van Indonesië en staat bekend om zijn rijstterrassen, tempels en ambachtelijke kunst. Het ligt in het hart van het hindoeïstische eiland Bali. Op de plek waar twee rivieren samenkomen, kun je traditionele legong-dans en gamelan-muziek bijwonen of een van de vele kunstgalerieën bezoeken. Ook natuurliefhebbers komen aan hun trekken in het tropische regenwoud. De naam Ubud betekent letterlijk "medicijn" en de stad heeft een lange geschiedenis met geneeskrachtige planten. Die focus zie je vandaag de dag terug in het enorme aanbod aan wandelroutes, yogascholen en spa's. Probeer zeker eens een vierhandenmassage in Balinese stijl of bestel lokale specialiteiten zoals nasi goreng (gebakken rijst), bebek betutu (eend) en babi guling (geroosterd varken op z'n Balinees).
Het klimaat is tropisch en equatoriaal, met een droge periode van april tot oktober en een natte periode van november tot februari. De meeste neerslag valt in januari en februari.
Een jungle in het stadscentrum, met respect voor de natuur en de makaken
Begin je bezoek bij het Monkey Forest Sacred Sanctuary. Dit bos herbergt de tempel van de dood en kwade geesten, die vanwege bijgeloof niet betreden mag worden. Je kunt hier de gedetailleerde hindoeïstische beelden bewonderen in een ongedwongen sfeer. Let wel op: de duizenden apen die hier leven zijn gek op glimmende voorwerpen en eten. Wil je ze voeren, doe dat dan alleen onder begeleiding van de monkey experts die het reservaat in dienst heeft.
Bezoek daarna het Purilukisan Museum voor schone kunsten. Je ziet hier onder meer de kamasan-stijl en werken van Nyoman Lempad en Aries Smith. Als de avond valt, is het Puri Salen Ubud, het Koninklijk Paleis in het centrum van het dorp, de plek om te zijn voor prachtige dansvoorstellingen.
Iets verderop is Lempad's House een bezoek waard. Dit was de woning van de beroemde Balinese kunstenaar Gusti Nyoman Lempad, die 116 jaar oud werd. Een andere bijzondere plek is Walter Spies House, vernoemd naar de in Moskou geboren kunstenaar die hier beroemdheden als Charlie Chaplin ontving. Tegenwoordig kun je er zelf overnachten, want het is het Campuhan hotel geworden.
Kunst op elke hoek
Het Neka Art Museum is een particuliere instelling die de geschiedenis van de Balinese schilderkunst en de westerse invloeden daarop in kaart brengt. De educatieve uitleg, de chronologische opbouw en de selectie buitenlandse werken zijn zeer de moeite waard.
Kunstliefhebbers kunnen ook naar het museum van Antonio Blanco, die ook wel de "Dali van Bali" werd genoemd. De collectie is ondergebracht in een prachtig onderhouden woning. Sommige van zijn erotische werken werden destijds door censuur vernietigd. Neem na je bezoek een drankje op het terras van het Bridge Café; het uitzicht op de rivier en de tuinen is erg aangenaam.
Iets lager gelegen vind je de tempel Pura Gunung Lebah, een rustige plek midden in een weelderige omgeving.
Hoe kom je er?
Luchtvaartmaatschappijen als Air France, KLM, Cathay Pacific, Qatar Airways, Singapore Airlines en Thai Air vliegen vanaf Parijs naar Denpasar met een tussenstop in Singapore, Hong Kong, Doha of Bangkok.
Hoe reis je rond?
Koop op de luchthaven een taxirit bij Blue Bird, de nationale maatschappij, voor een vast tarief van ±300.000 Rp. Reken op een reistijd van 1,5 tot 2,5 uur, afhankelijk van het tijdstip. Het verkeer op Bali is erg druk en je rijdt zelden harder dan 30 km per uur.
Ubud is compact en prettig om te voet te verkennen. Om de rijstvelden te bezoeken, kun je een fiets of scooter huren voor ±30.000 tot 50.000 Rp per dag.
Ik ben helemaal weg van Ubud, op het eiland Bali in Indonesië. Gelegen tussen de rijstvelden is het een oase van rust, geliefd bij westerlingen die op zoek zijn naar ontspanning en bij digital nomads. De accommodaties zijn betaalbaar en luxueus, vaak met een tuin en zwembad. Het eten is gevarieerd en van goede kwaliteit. De lokale bevolking is ontzettend aardig.
Het is mogelijk om yogalessen of danslessen te volgen en je kunt er goedkoop een massage krijgen. Of je kunt gewoon gaan wandelen en fietsen tussen de rijstvelden, de tempels bezoeken of naar het apenbos gaan.