Bezoek San Sebastián
San Sebastián, of Donostia in het Baskisch, ligt in de Spaanse autonome regio Baskenland. De stad werd in 1180 gesticht door de koning van Navarra, die een eigen toegang tot de Cantabrische Zee wilde. De stad heeft door de eeuwen heen flink te lijden gehad onder diverse Europese conflicten, waarbij ze meermaals in de as werd gelegd. In 1813 werd ze definitief herbouwd in een stijl die aan de art nouveau doet denken. Diverse gebouwen in het historisch centrum, rondom de Plaza de la Constitución, zoals het Victoria Eugenia Theater en het Hotel Maria Cristina, zijn stille getuigen van deze bloeiperiode. In die tijd fungeerde San Sebastián als het zomerverblijf van koningin-regentes Maria Christina en verbleef een groot deel van het Spaanse hof in het Palais de Miramar.
Een elegante badplaats
San Sebastián wordt vaak geprezen omdat het de beste eigenschappen van wereldsteden als Parijs of New York combineert, zowel op architecturaal vlak als op culinair gebied. De stad staat bekend om de kwaliteit van haar pintxos, de beroemde Baskische tapas. De sfeer van de belle époque werkt aanstekelijk, net als de historische gebouwen zoals het Museo San Telmo, een museum over de Baskische cultuur dat is gevestigd in een voormalig dominicanenklooster uit de zestiende eeuw.
De Baai van La Concha is het andere uithangbord van Donostia-San Sebastián. Geflankeerd door de bergen Igeldo en Urgull, toont de baai een prachtig palet aan blauwtinten aan iedereen die wandelt over de Paseo de la Concha, de geliefde wandelpromenade die langs het water loopt.
Wat betreft moderne architectuur valt het Kursaal-paleis op, een opvallend eigentijds gebouw van de hand van Rafael Moneo dat dienstdoet als theater en congrescentrum.
Tussen zee en bergen
San Sebastián telt drie stadsstranden. La Concha is het centrale strand van de stad. Iets verder naar het westen ligt het Ondarreta-strand, dat een meer familiair karakter heeft. Loop je nog een stukje door, dan bereik je het Peine del Viento (de Windkam), een imposant kunstwerk van de Baskische kunstenaars Chillida en Peña Gantxegi. De buizen in het beeldhouwwerk vangen de wind en het water op, waardoor er vreemde, bijna muzikale klanken ontstaan. Aan de oostkant ligt ten slotte het Zurriola-strand, dat door de ligging en de wind vooral erg in trek is bij surfers.
Daarnaast zijn er talloze wandelroutes over de berghellingen van de Urgull en Igeldo die telkens weer nieuwe uitzichten over de baai bieden. Leuk om te weten: vanuit de wijk Ondarreta brengt een kabelbaan je in één keer naar de top van de Mont Igeldo.
Wanneer kun je het best gaan?
De maanden mei en juni zijn ideaal om de drukte van het hoogseizoen te vermijden. Wil je vooral zwemmen, dan is augustus de beste keuze. Wie houdt van reuring, moet in september afreizen naar San Sebastián, wanneer het Internationaal Filmfestival de stad volledig in zijn greep houdt.
Hoe kom je er?
San Sebastián ligt op slechts twintig kilometer van de Franse grens. Vliegen kan ook via Bilbao, vanwaar je eenvoudig de trein naar San Sebastián neemt. Eenmaal in de stad kun je de auto beter laten staan. De stad is uitstekend te voet te verkennen en er ligt voor meer dan 50 kilometer aan fietspaden.
Ik ben er in juli een dag naartoe geweest vanuit het zuidwesten van Frankrijk. Ik vond het heerlijk om door de oude stad te wandelen, met zijn smalle en erg levendige straatjes. De Plaza de la Constitución, met zijn genummerde balkons, moet je echt gezien hebben.
Na een picknick op het prachtige strand van La Concha nam ik een klein, heel bijzonder kabelbaantje tegen de heuvel op om naar de top van de Monte Igueldo te gaan. Het panoramische uitzicht over de baai is schitterend en alleen al de klim waard. Er is daar ook een klein park met attracties waar je per ritje voor betaalt. Het is erg leuk voor gezinnen, ik raad de bootjes aan omdat die verschillende perspectieven op de baai bieden tijdens het ritje. Een klein minpuntje, ik vond de Spanjaarden niet erg hartelijk.